de Volhoudbaarheid

duurzaamheid met draagvlak

diensten

informatie

Strategie 2: Minder hinder, een kwestie van informatie, participatie, profijt en een beetje meesturen

 

Waarom is er in Nederland zoveel weerstand tegen windturbines in de buurt van dorpen en buurten, terwijl dat in Duitsland nauwelijks het geval is?  Belangrijk is het gevoel dat men daar heeft ‘het zijn onze molens’.  En dat is in de praktijk ook (deels) zo.  Wat kunnen we leren van de Duitse aanpak?

Communiceren, informatie verstrekken is een voorwaarde voor een constructieve relatie met omwonenden.  Dat geldt zowel vooraf, in de planfase, als tijdens de exploitatie.  Duitse schoolkinderen kunnen je vaak zo vertellen voor hoeveel huishoudens ‘hun’ turbines elektriciteit produceren.

Participatie kan op verschillende manieren vorm krijgen.

· Participatie in de besluitvorming;   zorgen dat omwonenden weten hoever het staat met een initiatief,  ze om hun mening/advies vragen

· Financiële participatie; de mogelijkheid voor omwonenden om financieel deel te nemen in een project (en daarmee het project te steunen en er van te profiteren)

· Zakelijke participatie;  de mogelijkheid voor omwonenden om aandelen te nemen in het project (en daarmee deels zeggenschap te krijgen)

 

Profijt geldt individueel, bijvoorbeeld in de vorm van korting op elektriciteitstarieven, maar kan ook van toepassing zijn op een gemeenschap, als op basis van de bedrijfsresultaten activiteiten ten behoeve van de gemeenschap gefinancierd worden.

 

Een beetje mee sturen geeft het gevoel dat je invloed kunt uitoefenen.  Een windturbine in de directe omgeving betekent 24 uur per dag ‘beeld en geluid’. Het idee alleen al dat je de mogelijkheid hebt om dat ding een paar keer per jaar stil te zetten.  En dan komt er ook nog eens iemand van het parkmanagement om na te gaan wat er precies de aanleiding was.

 

De RVO-publicatie ‘Participatiemodellen voor de realisatie van windenergie op land’  (2011) geeft meer handvatten