de Volhoudbaarheid

duurzaamheid met draagvlak

diensten

informatie

Turbinegeluid,  theorie en praktijk

 

Turbinegeluid en rekenmodel

Het meetvoorschrift en het rekenmodel gaan er vanuit dat het turbinegeluid afkomstig is van één punt, ter hoogte van de gondel. Voor turbines met een masthoogte van rond 25 meter en een rotordiameter van 10 meter is dat waarschijnlijk wel juist.  De huidige generatie van turbines heeft een drie maal zo hoge mast en een tien maal zo grote rotordiameter. Onderzoek naar de geluidsproductie van een rotorblad laat zien dat dit op verschillende momenten in de omwenteling varieert.  Gevolg is dat op één en het zelfde moment een turbine op verschillende hoogten, met dientengevolge (soms sterk) verschillende windsnelheden geluid met verschillende energie-inhoud wordt afgegeven.  En dat werkt nog een keer op elkaar in, wordt gereflecteerd etc.

Regelmatig voorkomende geluidsniveaus op meer dan 800 meter boven de 47 dB(A) (buiten, op 1 meter van de gevel gemeten) zijn volgens het rekenmodel een theoretische onmogelijkheid.  Maar ik meet ze wel, soms meer dan een week achtereen elke nacht.  Ze worden dan op meerdere locaties gemeten.  De waarneming dat de geluidssterkte met de afstand toe kan nemen wordt door onderzoekers van de Universiteit van Leuven als regelmatig voorkomend gekarakteriseerd.

Ook als je rekening houdt met aanzienlijke meetfouten zijn er (te) veel indicaties dat het rekenmodel niet (meer) klopt.

Het rekenmodel levert voor de huidige generatie turbines waarden die aanzienlijk liggen onder de feitelijk optredende waarden.  Dit rekenmodel wordt in een MER gebruikt om de effecten voor mensen te voorspellen.

Het bovenstaande pleit voor een onderzoek waarin het bestaande rekenmodel voor de huidige generatie turbines wordt gevalideerd. 

De Gemeente Anna Paulowna heeft de wenselijkheid van een dergelijk onderzoek aangekaart bij de provincie en daar budget voor vrijgemaakt.

 

Turbinegeluid, normen en meetvoorschrift

De huidige norm is een immissie-norm.  Het gaat om de geluidsbelasting van ‘gevoelige objecten’.

Het meetvoorschrift gaat uit van een emissie-meting.  Daarbij wordt op 200 meter van de turbine het geluid gemeten en op 10 meter hoogte de windsnelheid.  Vervolgens wordt volgens een rekenmodel uitgerekend hoe groot de geluidsbelasting op objecten (huizen) op verschillende afstanden zijn.

Het is de vraag of je op 240 (of 400) meter van de turbine op de bodem correct kunt meten hoeveel geluid een turbine op 150 meter hoogte de omgeving in werpt. Daarnaast is het de vraag of de windsnelheid op 10 meter hoogte representatief is voor de windsnelheid op 150 meter hoogte.

Feitelijk zijn de data die in een handhavingsmeting verzameld worden geschikt om na te gaan of de turbine voldoet aan de eisen die in een vergunning gesteld zijn, op basis van de specificaties van de bouwer. Het onderzoek bevestigt (enkel) het certificaat van de turbine.   De gehanteerde methode maakt dat het onwaarschijnlijk is dat op basis van die verzamelde data betrouwbare uitspraken kunnen worden gedaan over de feitelijke geluidsbelasting van woningen in de omgeving van de turbine (in een omgeving met een laag achtergrond geluidsniveau).

 

Turbinegeluid en omgevingsgeluid

De waarnemingen rond Slikkerdijk suggereren dat voor de waarneming en de ervaren hinder het verschil tussen achtergrondgeluid en turbinegeluid belangrijker is dan de geluidssterkte van het turbinegeluid. Dit zou betekenen dat een zelfde turbine geplaatst in een geluidsrijke omgeving veel minder stress bij omwonenden zal opwekken dan in een omgeving met een laag achtergrond geluidsniveau.

Belangrijk is daarbij dat het pulserende karakter van het turbinegeluid bij een laag achtergrondniveau sterker naar voren komt.

Op dit punt is nader onderzoek noodzakelijk.  Ook pleit dit voor een aanpassing van de norm.  In de circulaire bij de nieuwe normstelling (2010) geeft minister Huizinga aan dat maximaal 9% (ernstig) gehinderden acceptabel is. De toepassing van de norm op vier (Enercon)turbines in de Kop van Noord Holland leidt tot 27-34% huishoudens met ernstig gehinderden (= gehinderden met gezondheidsschade).  (overigens komt dit laatste percentage overeen met de uitkomsten van Zweeds onderzoek naar geluidshinder rond turbines met een vergelijkbaar vermogen)  De norm is er om te zorgen dat de doelen gehaald worden. Als bestuurders aangeven dat ze niets aan de schadelijke gevolgen kunnen doen omdat de turbines nu een maal aan de norm voldoen is er iets vreselijk scheef gegroeid.

 

Meer informatie:  www.windenergiewieringerwaard.nl